Blog


Derealisatie - Jonah Falke

Derealisatie 11-10-2018

Mijn moeder stelde voor om te lunchen in een hotel. We zaten buiten want de zon scheen. Op het terras zat een vrouw. Ik meende te zien dat ze uit de verveling die haar rijkdom had voortgebracht dronk en rookte. Het was ochtend. Misschien had ze veel om te verdoven.

Ik keek naar de vrouw en vertelde mijn moeder dat ik afgelopen voorjaar last had van derealisatie terwijl ik in Zuid-Frankrijk verbleef. Een toestand waarin je je vertrouwde omgeving als onwerkelijk ervaart.

Ze vroeg: ‘Waarom heb je me dat niet eerder verteld?’

Ik wist het niet, wellicht deed de herfstzon me aan dit voorjaar denken.

Ze zei: ‘Ik herken dat derealiseren eigenlijk maar al te goed. Er is een videoband van je tweede verjaardag. Ik kan niet naar mezelf kijken. Ik zie een ongemakkelijk en onzeker mens. Onder de mensen voelde ik me vaak niet thuis. Pas toen jij ouder werd, werd ik gelukkiger. Het lag niet aan de mensen maar aan mij.’

Ik vroeg hoe ze het derealiseren had afgeleerd.

Ze zei: ‘Als je een kind hebt moet je de wereld in en ik ben ook altijd blijven werken met mensen. Lang speelde ik een rol. Op een gegeven moment kwam ik erachter dat het acteren geen moeite meer kostte.’

De platgetreden vergelijking 'ze heeft zich als een vlinder ontpopt' gaat in mijn moeders geval denk ik op. Althans: ik ken haar niet schuchter, of ze is een goede actrice. 

 

De lunch werd geserveerd. Naast ons zat een blinde man met een geleidehond. Soms voerde hij het dier een plakje worst. Toen de hond begon te blaffen, zei de rijke vrouw van een afstandje: ‘Hij moet me niet.’

‘Mijn hond bijt niet, mevrouw.’

‘Dat zeggen ze allemaal.’

‘Tijgers moet je ook niet aanstaren, mevrouw.’

De vrouw droeg een zonnebril.

Ze zei: ‘Vorig jaar ben ik gebeten, en die man zei ook dat zijn honden niet beten.’

Alsof de blindengeleidehond haar verstond liep hij naar naar de vrouw en beet hard in haar kuit. Zonder een spier te vertrekken stond ze op en liep weg zonder te betalen. De blinde man had niets in de gaten.

Ik snapte het niet. Wie van de twee had last van derealisatie? Beiden? Want net als de blinde plaatste de rijke vrouw zich gewild of ongewild buiten de maatschappij. Ik keek naar mijn moeder en vroeg me af welke rol ze op dit moment speelde. Ik was al lang niet meer thuis geweest, maar misschien bestond die plek al niet meer.