Blog


Bespreking - Jonah Falke

Bespreking 25-10-2018

We gingen met z’n drieën in een vergaderruimte zitten en de deur werd gesloten. Iemand zei tegen zijn collega: ‘Begin jij maar.’ Ik ging rechterop zitten. Er volgde een relaas. 
Kortom: mijn werk was nog niet goed. 
Ik sputterde wat tegen. 
Iemand zei: ‘Ja, maar de realiteit interesseert me helemaal niet.’ 
De poëtische of filosofische waarde van die opmerking zag ik op dat moment niet. Het maakte me juist razend. 

Uiteindelijk begreep ik hun beweegredenen of kwamen onze visies weer bijeen. Hartelijk werd er afscheid genomen en tot snel gezegd. Ik liep weg en dacht: wellicht is het sadomasochistisch of christelijk maar het is ook aangenaam als je ego gekrenkt wordt, je beseft je nietigheid dan tenminste. Dat werk altijd beter kan, lijkt me een goed recept tegen luiheid en verveling. Het is slechts zaak dat je het werk niet persoonlijker dan nodig maakt, volgens mij. 
 

'Dat werk altijd beter kan, lijkt me een goed recept tegen luiheid en verveling'

 

 

Ik nam de metro naar station Amsterdam-Zuid. Mijn geliefde en beste vriend haalden me op met een auto. We reden naar zee. Onderweg spuwde ik nog wat en op dat moment werden we bijna doodgereden op een kruispunt.  
De vriend zei: ‘Zo gaat dat nou eenmaal.’ 
Of hij het over het gespuw of de auto van links had, wist ik niet. Mijn geliefde pakte mijn hand. Dat was lief maar niet nodig.

We hadden gehoopt te dineren aan zee. Het seizoen was al over, toch zat het terras helemaal vol. De ober zei: ‘Tja’, en zwaaide met zijn handen. Hij straalde de onnozelheid zelve uit. We aten staand bitterballen en keken naar de zee. Mijn geliefde en vriend dachten hetzelfde: altijd als ze de zee zagen kwamen ze erachter dat ze meer van het bos hielden. 

 

 

'Altijd als ze de zee zagen kwamen ze erachter dat ze meer van het bos hielden'

 

 

De volgende ochtend namen mijn geliefde en ik de trein. In Utrecht moesten we de trein uit. Zij nam de bus naar haar werk en ik wachtte tot er een bovenleiding gemaakt zou worden om verder te kunnen reizen. In de stationshal op Utrecht Centraal schreef ik dit stukje terwijl ik niets anders wilde dan thuis aan het werk gaan. Je komt er pas achter wat thuis is en hoe waardevol werk is, als je er wil zijn maar niet kunt komen.